De Weideman schrijft iedere maand een column voor vakblad Melkvee. U kunt de column van september hieronder lezen.

foto eind handtekening

 

De Weideman: Het kruidendilemma

Wat is er mis met wat ik in een vorige column de Ierse “Old School” heb genoemd? Die vraag is me gesteld. Immers, ‘Old School’-denken is pas achterhaald als het ‘Modieuze Wensdenken’ tot resultaten leidt, zo vinden de critici.


Let wel, ik schrijf de ‘Old School’ van de Ieren niet af. Van hun focus en discipline in graslandmanagement kunnen wij heel veel leren. Er was nuance in mijn column. Eén van de dingen waar ik vraagtekens bij zet is de gewoonte om grasland standaard elke vijf tot acht jaar te vernieuwen. Gras groeit immers net zo hard onder de grond als erboven en het nut van wormen voor doorlatendheid van de bodem en de afbraak van organische stof is duidelijk aangetoond. Door af en toe met de schep een kijkje te nemen wat daar gebeurt, kun je er rekening mee houden en bewustere keuzes maken, is mijn opvatting.

 

Ook over de kruiden past hier nuance. Engels raaigras is en blijf een superieur gras. Mijn advies om percelen te vernieuwen bij minder dan 50 tot 70% goede grassen blijft wel staan. Maar het maakt kruiden niet minder interessant. Ten eerste omwille van de luide roep vanuit de maatschappij en de zuivelmarkt. Als vakman kan ik dit nog af doen als modieus wensdenken. Maar de realiteit is dat zorgen over biodiversiteit knagen aan ons draagvlak en de markt kansen biedt om een paar cent meer voor de melkprijs te beuren.

 

En ook als vakman zie ik wel degelijk kansen. Planten lijken elkaar te helpen. Dat zie je vooral onder minder ideale omstandigheden. De grasmengsels die wij al sinds jaar en dag gebruiken geven meer stabiliteit en zekerheid onder wisselende omstandigheden. Deze zomer groeiden de klavers pleksgewijs bijvoorbeeld heel goed door. Het is dus niet zo gek te veronderstellen dat het voordeel van diversiteit toeneemt als je minder kunt sturen met kunstmest, beregenen en bijvoorbeeld afwateren. Grote vraag is dan welke combinaties onder welke omstandigheden het beste werken. Dat weten we nog amper. De kruidenmengsels die nu al op de markt zijn geven wisselende resultaten. Maar laten we er alsjeblieft geen taboe over uitspreken, de potentie is te groot. Dat proefde ik wel een beetje bij de grote dames en heren van het Ierse graslandonderzoek.

 

We spreken elkaar,
de-Weideman-Def